Old Colfield starring Timon Visser

 

Hoi Timon, leuk dat ik bij je langs mag komen bij Effectory! Het ziet er echt prachtig uit hier! (Voor de visuelen onder ons: een grachtenpand aan de Singel in Amsterdam).

Hoe ben je bij Effectory terecht gekomen?

Aan het einde van mijn traineeship ben ik begonnen bij: “wat wil ik?”. Ik ben niet begonnen met vacatures kijken, met welke opdrachten zijn er en waar wil ik uitstromen. Ik ben meer gaan kijken naar: Wat wil ik eigenlijk zelf? Wat vind ik leuk om te doen en waar zit de energie? Wat zoek ik in een werkgever?

Bij Young Colfield heb ik een paar opdrachten gedaan in de multinational sfeer en dat sprak mij niet zo aan. Voor mij was het vrij onpersoonlijk, groot en waren er langzame besluitvormingsprocessen. Ik gaf de voorkeur aan een kleinere organisatie met 50 – 100 werknemers. Dan ken je iedereen, maar het is groot genoeg om op te gaan in de massa. Daarbij zocht ik ook een jonge dynamische sfeer zonder pretenties. Een beetje zoals bij Young Colfield. En in werk wilde ik iets doen wat ik cool vond. Iets op het snijvlak van mens en organisatie. Vragen zoals; “Waarom is het ene team nou wel succesvol, op dezelfde plek en dezelfde omgevingsfactoren, en het andere team niet?” Hier zijn natuurlijk harde zaken over (meer winst, meer omzet), maar er zit altijd een menselijk component aan. Dat vind ik interessant. Verder wilde ik altijd al iets met advies doen. Maar ik wilde niet een consultant zijn, dat ik op opdracht zat en eens in de week terug op kantoor kwam. Ik wilde niet dat decentrale, maar gewoon vanuit één plek.

Toen ik dit eenmaal op een rijtje had, zei een vriend van mij: “Ik heb echt een cool bedrijf voor jou”. Ik had mijn lijstje natuurlijk. Dus toen ik het bedrijf en de functie ernaast legde was het eigenlijk een ‘match made in heaven’. Gelukkig bleek dat gevoel wederzijds. Als ik achteraf kijk waar ik blij mee ben is dat ik vanuit mijzelf heb geredeneerd. Naar wat wil ik zelf? Daardoor kon ik ook heel makkelijk “ja” zeggen tegen een functie. Ik heb dus ook maar op één plek gesolliciteerd na mijn traineeship.

Zo ben ik uiteindelijk in de rol van consultant hier begonnen. Dit heb ik 4,5 jaar gedaan. Toen kriebelde het trainerschap weer. Nu ben ik 1,5 jaar trainer bij Effectory. Simpel gezegd faciliteer ik gesprekken binnen teams om ervoor te zorgen dat zij prettiger en beter kunnen samenwerken.

Waarom heb je destijds voor Young Colfield gekozen?

Wat ik mooi vond is dat er veel training en opleiding in het programma zit. Dat is iets wat me altijd interesseerde en interesseert. Bezig zijn met je persoonlijke ontwikkeling. Verder wist ik het niet zo goed. Zelf dacht ik aan consultant. Een beetje advies geven leek me wel lekker. Dus een paar dingen spraken me echt aan. Dat je in korte tijd veel bedrijven ziet, je zit bij een jong dynamische club en toch kan je bij uiteenlopende organisaties binnen kijken. Plus dat je met een team trainees de kans krijgt om samen een ontwikkeling door te maken. Dus dat vond ik wel heel cool.

Zie je je team nog wel eens?

Ja, zeker. Een maandje of vier geleden hebben we met een afvaardiging gegeten. We spreken elkaar een, twee keer per jaar, maar als we dan samen zijn. BOEM. To the bone. Je hebt een soort onvoorwaardelijke band. Dat klinkt heel zwaar, maar het gaat vooral om het stuk waarin je samen trainingen hebt gevolgd waarin je jezelf moest laten zien. Hoe meer je van jezelf laat zien, moet laten zien of wil laten zien, hoe makkelijker je contact maakt en een band krijgt. Uiteindelijk zou ik ze geen vrienden noemen, want daar zou ik ze voor mijn gevoel te weinig voor zien. Maar wel hele goede oud collega’s waar ik super mooie gesprekken mee kan hebben voor de lol, maar ook over moeilijkere dingen.

Hoe zag jouw traineeship eruit bij Young Colfield? Welke opdrachten heb je gedaan?

Mijn eerste opdracht was bij het UWV. Achteraf was dit ook de vetste opdracht. Samen met een Young Colfield collega zat ik bij e-overheid. We hebben zelf de opdracht mogen vormgeven. Het hele digitale landschap wat er was van het UWV naar de klant, mochten we inzichtelijk maken. Wat gebeurt er allemaal bij het UWV, welke lijntjes lopen er allemaal. Hoe lopen de projecten? Lopen ze goed, lopen ze minder goed? Niet dat we er iets van mochten vinden, maar wel ophalen en zichtbaar maken met als doel daar meer lijn en eenduidigheid in te krijgen. Ik grijp nog steeds terug op voorbeelden van die tijd in mijn eigen ontwikkeling. Ik heb daar heel veel geleerd over te snel willen gaan. Dat ik te snel wilde. Dat ik gefrustreerd raakte als iets niet ging zoals het ging. Of mijn geduld. Ik heb daar echt leren geduld hebben en dan vooral mijn eigen grenzen daarin leren kennen.

Daarna heb ik een opdracht gedaan bij Hewlitt Packerd. Dit vond ik minder leuk. Hier moest ik changes doorvoeren in ICT systemen. Ik was de connectie tussen ICT en India. Het was een combinatie van invoerwerk en contactpersoon zijn voor de Indiërs. Hier heb ik echt enorm van geleerd. Ik weet nog dat ik in het sollicitatie gesprek zat. Ik voelde dat het deze opdracht niks voor mij was, maar ik weet dat ik goed kan solliciteren. Dus ik dacht: dat ga ik dan ook maar even laten zien. Dus ik kreeg de opdracht. Na een tijdje heb ik mijn talent manager opgebeld en gezegd: “ik ben doodongelukkig, dit gaat hem echt niet worden.” Dat is natuurlijk aan de ene kant arrogantie ten top, om dat zo te zeggen. Daarnaast is het business-wise het domste wat je kan doen. Maar toen heb ik tegen mijn talent manager gezegd: “ga jij het tegen de opdrachtgever zeggen of ga ik het doen?”. Uiteindelijk heb ik het nieuws gebracht. Achteraf was het veel te snel natuurlijk, maar zo is het gelopen. Wat ik daar nog meer heb geleerd, is “je pens weet het gewoon al”. Luister ernaar, want je gaat jezelf alleen maar tegenkomen. Natuurlijk, take one for the team hoort er ook bij, slikken hoort er ook bij. Hiervoor had ik er geen gehoor aan gegeven, erna echt volle bak. Hierom is het een heel leerzame periode geweest.

Vervolgens heb ik bij een IT Consultancy Organisatie een salesdesk opgezet. Een soort ICT recruitment / headhunter desk. Die sales kant gaat heel erg over cijfers, maar ze keken naar mijn weten te veel alleen maar geld. Op een gegeven moment heb ik uit mezelf twee, drie kantjes geschreven over hoe ik naar de organisatie keek. Achteraf is dat wel een bevestiging hoe ik in de wereld en in mijn werk sta. “Geld is niet het doel, maar geld is het resultaat van iets van waarde dat je toevoegt.” Hoeveel omzet jij haalt is voor je klant helemaal niet relevant. Je klant wil een goed product. Dus als jij je richt op het goede product wat je levert, komt het geld vanzelf.

Mijn laatste opdracht was bij een start up in windmolens. Hier heb ik echt gezien hoe pittig het werken in een start up is. Ik was daar verantwoordelijk voor lijn brengen van de back office. Dus after-sales, financieel, neerzetten van structuur, maar ook vooral doen. Het was veel hands-on, poten in de klei en rammen.

Belangrijkste les? En wat zou je meegeven?

Het is cheesy maar waar: van de pijnlijkste momenten heb ik het meeste geleerd. Young Colfield heeft me de mogelijkheid gegeven om dit te mogen meemaken. Het is echt een voorrecht dat organisaties mensen met zo weinig ervaring zulke kansen geven. We mogen echt dankbaar zijn voor het vertrouwen dat opdrachtgevers hebben in trainees en dat ze daarin willen investeren.

Achteraf is twee jaar kort, je moet zelf eruit halen wat erin zit, dat is echt wel zo. Zie het als een traineeship. Wees serieus met het vertrouwen dat je krijgt, maar wees niet te serieus met jezelf. Als ik het nog een keer zou mogen doen zou ik een stuk nederiger zijn. En vooral bedenken dat ik niet “all that” ben in het begin. Uiteindelijk ben je ook maar een broekie die weinig ervaring heeft. Dus wees dankbaar voor het vertrouwens wat je krijgt. Dat is echt geniaal. En sta jezelf toe fouten te maken.

YC is leuk, hip en jong. Het zijn mensen die wat kunnen. Ze zijn vlot in contact, bewegen makkelijk in de organisatie en hebben ook nog eens een lik intelligentie. Vanuit deze positie ligt arrogantie op de loer. Wat ik mee wil geven is: Als je ergens een mening over vormt, is dat het minimaal 51 procent iets over jezelf zegt. Misschien nog wel meer. Check vooral bij jezelf: wat zegt het over mij? Misschien is het mijn eigen onzekerheid dat ik doe alsof ik hier het mannetje ben, terwijl ik ook eigenlijk niet weet wat ik hier moet doen. Of is het mijn eigen spanning voor een nieuwe opdracht dat ik hier in pak loop en de rest in zijn campingpak loopt. Welke 51 procent zit erin van jezelf? Als je die hebt en ziet, dan leer je super veel!